Bomenbeleidsplan

De gemeente hanteert een bomenbeleidsplan als leidraad voor beheer en ontwikkeling van het bomenbestand. Daarbij staat de waarde van bomen centraal, vanwege hun bijdrage aan klimaat, biodiversiteit en een aantrekkelijke omgeving.

Actualiseren Bomenbeleid

Aanleiding en achtergrond

Onze gemeente hanteert sinds 2012 een bomenbeleidsplan dat dient als leidraad voor het beheer, de bescherming en de ontwikkeling van het bomenbestand. Dit beleid draagt bij aan de versterking van de groene infrastructuur en het behoud van waardevolle bomen en boomstructuren. In 2025 is vastgesteld dat actualisatie van het beleid noodzakelijk is om aan te sluiten bij de huidige omstandigheden en uitdagingen.

Het bomenbeleidsplan 2026-2035 bouwt voort op de successen van het vorige plan en speelt in op nieuwe inzichten en ontwikkelingen op het gebied van stedelijk groen en bomen. Het beleidsplan biedt een geïntegreerde aanpak voor de bescherming, verzorging en uitbreiding van het bomenbestand, met aandacht voor de ecologische, sociale en gezondheidsaspecten van bomen.

Weg naar nieuw bomenbeleid

Het proces om te komen tot een nieuw bomenbeleid is gestart met een evaluatie van het bomenbeleidsplan 2012-2021. Deze evaluatie is uitgevoerd door vakinhoudelijke medewerkers binnen de gemeente. De resultaten hebben geleid tot een aantal discussievragen, die zijn besproken tijdens de raadsvergadering van 10 april 2025. Tijdens deze vergadering heeft de raad richting gegeven aan de aanpassingen van het bomenbeleid.

De door de raad aangegeven richting is uitgewerkt in overleg met een klankbordgroep, bestaande uit bewoners, woningcorporaties, bouwontwikkelaars, de historische vereniging en andere stakeholders. De klankbordgroep is driemaal bijeengekomen, waarbij de bijeenkomsten in het teken stonden van informeren, verkennen en tegenlezen.
Op basis van de opgehaalde input is een concept bomenbeleidsplan opgesteld. Dit concept is voor feedback voorgelegd aan de klankbordgroep en aan ambtenaren binnen de gemeente. De ontvangen reacties zijn verwerkt in het definitieve bomenbeleidsplan.

Waarde van bomen

Tijdens een overleg van de gemeenteraad op 10 april 2025 is aan de raadsleden gevraagd naar hun mening over de waarde van bomen. Uit de antwoorden kwam naar voren dat bomen worden beschouwd als zeer waardevol vanwege hun bijdrage aan een gezonde leefomgeving. Bomen bieden verkoeling op warme dagen, verbeteren de luchtkwaliteit en dragen bij aan de groene uitstraling van onze dorpen. Bomen maken de gemeente aantrekkelijker en nodigen uit om buiten te zijn. Hierdoor hebben bomen een positieve invloed op het mentale en fysieke welzijn van onze inwoners.

Daarnaast verzachten bomen de effecten van klimaatverandering en zijn ze belangrijk voor de biodiversiteit. Bomen nemen CO2 op, geven zuurstof af en zorgen voor wateropname bij regen. Tevens vormen ze een leefgebied voor vogels en insecten. Hoe groter de boom, des te groter deze effecten. Er wordt ook gewezen op het belang van vooral grote en oude bomen.

Huidige Situatie: Wat is het beleid en bomenstructuur?

Bomenbeleidsplan

Het Bomenbeleidsplan 2012–2021 is opgesteld om te komen tot een gestructureerd en duurzaam beheer van het gemeentelijke bomenbestand. Het plan richt zich op het behoud en de versterking van de boomstructuur, het verbeteren van de leefkwaliteit en het vergroten van de biodiversiteit. Belangrijke doelstellingen zijn het beschermen van waardevolle bomen, het stimuleren van nieuwe en kwalitatief hoogwaardige aanplant en het waarborgen van goed beheer en onderhoud van bestaande bomen.

Beleidsmaatregelen en acties

Ter uitvoering van deze doelen zijn diverse maatregelen en acties ingezet, waaronder:

  • het inventariseren van waardevolle bomen en boomstructuren;
  • het opstellen van verordeningen en richtlijnen voor de bescherming van waardevolle bomen en het reguleren van kapvergunningen;
  • het stimuleren van boomaanplant in nieuwe ontwikkelingsgebieden en herplant bij noodzakelijke kap;
  • het informeren en betrekken van inwoners via educatie en communicatie.

Daarnaast bevat het beleid regels voor onder meer:

  • eisen bij het aanplanten van bomen;
  • omgang met overlast en hinder door bomen;
  • het voldoen aan wettelijke eisen voor boomveiligheid (visuele boominspecties);
  • de inzet van de gemeente bij waardevolle bomen op particulier terrein.

Plaatselijke verordening model Groene Kaart

De regels voor het behoud van bomen zijn vastgelegd in de Algemene Plaatselijke Verordening (in de toekomst de Verordening Fysieke Leefomgeving). De gemeente hanteert hierbij het model van de Groene Kaart: een topografische kaart waarop beschermde houtopstanden, zoals boomzones, boomstructuren, solitaire bomen en boomgroepen, zijn vastgelegd. Bij de kaart hoort een register met waardevolle bomen.

Het college van burgemeester en wethouders stelt de Groene Kaart vast en kan deze eens per vier jaar herzien. Voor het kappen van beschermde houtopstanden die op de Groene Kaart zijn opgenomen, is een vergunning vereist. Bomen die niet op de Groene Kaart staan, mogen in principe zonder vergunning worden gekapt.

De Groene Kaart betreft voornamelijk bomen in de openbare ruimte, aangevuld met een beperkt aantal bomen op particulier terrein, zoals lintbeplantingen langs rivieren, erfbeplanting in het buitengebied en individuele bijzondere bomen. Het kapverbod voor beschermde houtopstanden is strikt, met enkele uitzonderingen en mogelijkheden tot ontheffing, bijvoorbeeld bij gevaarzetting of besmettelijke boomziekten. Daarnaast zijn regels opgenomen over herplant, instandhouding, schadevergoeding, afstand tot erfgrenzen, bestrijding van boomziekten en de bescherming van gemeentelijke bomen.

Groenbeleidsplan 2022-2032

Het Groenbeleidsplan 2022–2032 is op 21 april 2022 vastgesteld door de gemeenteraad. Aanleiding voor het nieuwe beleid zijn maatschappelijke opgaven zoals klimaatverandering en de sterke afname van de biodiversiteit. Het plan heeft betrekking op al het groen binnen de gemeente, zowel in de openbare ruimte als op particulier terrein.
Het Groenbeleidsplan richt zich op het realiseren van een gezonde, veilige en aantrekkelijke leefomgeving. Het plan bevat diverse beleidsregels en maatregelen die specifiek betrekking hebben op bomen. Hierna zijn de belangrijkste uitgangspunten en maatregelen weergegeven.

Bomennorm

Bij nieuwe inrichtingen en ruimtelijke ontwikkelingen stelt de gemeente een minimale norm vast voor de hoeveelheid groen en bomen, met als doel de klimaatbestendigheid te vergroten. Binnen het Groenbeleidsplan geldt een bomennorm waarbij bij nieuwbouwprojecten minimaal één boom per woning moet worden gerealiseerd.
Variatie in het bomenbestand:

Het bomenbestand dient voldoende divers te zijn om de verspreiding van ziekten en plagen te beperken. Het Groenbeleidsplan stuurt daarom op meer variatie in het groen, met name binnen laanbeplantingen. Door deze diversiteit krijgen boomziekten, zoals essentaksterfte, minder kans om zich grootschalig te verspreiden.
Als richtlijn wordt de 10-20-30-regel van Santamour gehanteerd: maximaal 10% van één soort, 20% van één geslacht en 30% van één familie binnen het totale bomenbestand.

Regels voor zonnepanelen:

Bij conflicten tussen bomen en zonnepanelen heeft het behoud van bomen prioriteit. Dit uitgangspunt geldt voor bestaande situaties, nieuwbouwlocaties en herinrichtingslocaties. Bij nieuwbouw en herinrichting wordt rekening gehouden met de aanwezigheid en de mogelijke plaatsing van zonnepanelen, waarbij dit niet mag leiden tot het kappen van bomen. Biodiversiteit en ecologisch beheer: Het groenbeheer is gericht op het vergroten van de biodiversiteit door het toepassen van een gevarieerde beplanting, het versterken van ecologische verbindingen tussen natuurgebieden en het uitvoeren van ecologisch beheer.

Burgerparticipatie en adoptie van groen

Bewoners kunnen actief deelnemen aan het groenbeheer, bijvoorbeeld door het aanleggen van geveltuinen en het in beheer nemen van openbaar groen (adoptiegroen). Hierbij gelden duidelijke spelregels, zoals het gebruik van inheemse plantensoorten en het vermijden van chemische bestrijdingsmiddelen.

Daarnaast kunnen bewoners bij herplanting inspraak krijgen in de keuze van boomsoorten.

Adoptie boom: Wij bieden alle inwoners de mogelijkheid om eenmalig een boom te kiezen voor aanplant op eigen erf. Het aanbod is beperkt en geldt zolang de voorraad strekt. De bomen kunnen tweemaal per jaar worden opgehaald bij de gemeentewerf.

Bestemmingsplan Buitengebied

In het bestemmingsplan voor het buitengebied is een specifieke bestemming opgenomen die van invloed is op bomen: de molenbiotoop van de Tiendwegse Molen ten noorden van de Betuweroute. Deze molenbiotoop is aangegeven op de bomenstructuurkaart. Binnen een straal van 400 meter rond de molen mogen geen hoge bomen groeien. De gemeente ziet toe op de naleving van deze regels en handhaaft waar nodig.

Omgevingsvisie

Op 11 december 2025 heeft de gemeenteraad de Omgevingsvisie vastgesteld. In deze visie is een toekomstbeeld geschetst voor de ruimtelijke ontwikkeling van de gemeente. Een belangrijke opgave voor bomen is de ontwikkelopgave Groene omgeving en water, waarmee de gemeente bestaande kwaliteiten wil behouden en verder wil versterken richting de toekomst. Hierbij ligt de nadruk op een samenhangende groenstructuur en het creëren van hoogwaardige verblijfs- en recreatieruimte.

Daarnaast benoemt de ontwikkelopgave Samen fijn, veilig en gezond de zogenoemde 3-30-300-regel als beleidsinstrument. Bij nieuwe initiatieven, met name bij de ontwikkeling van nieuwe woonwijken, is het van belang deze regel toe te passen. Dit houdt in dat vanuit iedere woning minimaal drie bomen zichtbaar zijn, dat 30% van het wijkoppervlak wordt bedekt door de schaduw van boomkruinen en dat binnen 300 meter een aangename, groene verblijfsplek bereikbaar is. Toepassing van deze regel draagt bij aan een gezondere leefomgeving, vermindert hittestress en bevordert de gezondheid van inwoners. Verder is in de Omgevingsvisie aangegeven dat toekomstige woningbouw is voorzien in het gebied tussen de Betuweroute en de oude spoorlijn, aangeduid als ’t Oog. Daarnaast zet de gemeente in op verdere verdichting van de kernen, waarbij het openbaar groen meer ruimte krijgt.

Klimaatadaptatie

Met de Regionale Klimaatadaptatiestrategie (RAS) van juli 2021 beoogt de regio Alblasserwaard-Vijfheerenlanden zich voor te bereiden op de gevolgen van klimaatverandering en zich hieraan aan te passen. De RAS is een gezamenlijke inspanning van overheden en andere belanghebbenden, met als doel de regio uiterlijk in 2050 klimaatbestendig en waterrobuust te maken. Daarbij wordt zowel ingezet op het benutten van kansen die klimaatverandering biedt als op het beperken van de nadelige effecten ervan.

Binnen de RAS worden bomen expliciet gezien als een belangrijk instrument voor klimaatadaptatie en CO₂-opslag. Bomen dragen bij aan het verminderen van hittestress, het versterken van de biodiversiteit en het verkleinen van overstromingsrisico’s. De Regionale Klimaatadaptatiestrategie (RAS) is op lokaal niveau uitgewerkt in een Lokale Klimaatadaptatiestrategie (LAS). De Lokale Klimaatadaptatiestrategie voor Hardinxveld-Giessendam richt zich op het verbeteren van het watermanagement, het vergroenen van de leefomgeving en het vergroten van het klimaatbewustzijn.

Inrichtingsconvenant Alblasserwaard-Vijfheerenlanden

De Alblasserwaard en Vijfheerenlanden staat voor urgente opgaven. Herstel van biodiversiteit, de klimaatopgave en verbetering van waterkwaliteit zijn noodzakelijk om onze leefomgeving toekomstbestendig te maken. Gemeenten, waterschappen en provincies die gezamenlijke verantwoordelijkheid dragen hebben 16 januari 2026 een convenant afgesloten om deze uitdagingen aan te gaan. Het streven is dat ze hun eigen gronden groener en natuurvriendelijker beheren waarbij ze inwoners en boeren vragen om mee te doen.

Het convenant richt zich op de aanleg en versterking van groenblauwe dooradering. Dit omvat ecologische, hydrologische en landschappelijke verbindingen met als doel het creëren van een samenhangend netwerk van landschapselementen. Het convenant heeft potentie om significante positieve effecten te hebben op het beschermen, behouden en versterken van boomstructuren in het landelijk gebied.

Belangrijke afspraken in het convenant zijn onder andere:

  1. Het maken van een overzichtskaart die locaties en mogelijkheden voor groenblauwe dooradering weergeeft. Dit helpt bij het creëren en versterken van verbindingen tussen bestaande groene en blauwe structuren.
  2. Bij het inrichten en beheren van buitenruimten zullen standaard natuurinclusieve en klimaatadaptieve maatregelen worden toegepast, waarbij streekeigen bomen, struiken en kruiden gebruikt worden.
  3. Het opstellen van SMART doelen voor de kwaliteit en hoeveelheid groenblauwe dooradering, welke verankerd worden in de instrumenten van de Omgevingswet.

Deze regionale inzet staat niet op zichzelf. In het Aanvalsplan Landschap werkt het Kennisnetwerk Deltaplan Biodiversiteit de landelijke doelstelling voor groenblauwe dooradering (GBDA) verder uit. In dit brede samenwerkingsverband werken provincies, het Rijk (LNV, I&W, BZK), waterschappen, BoerenNatuur, LTO, onderwijsinstellingen zoals Yuverta, universiteiten, natuur- en milieuorganisaties, terreinbeheerders en diverse gemeenten samen aan de realisatie van een gebiedsdekkend groenblauw netwerk. Zij onderschrijven gezamenlijk het doel om in 2050 minimaal 10% groen-blauwe dooradering in het landelijk gebied te realiseren en faciliteren partners om deze ambitie waar te maken.

Boomstructuur

Belang boomstructuur

De boomstructuur bestaat uit het samenhangende netwerk van lanen, parken, individuele bomen en overige groeivormen binnen de gemeente. Dit netwerk draagt bij aan de kwaliteit van de leefomgeving door het bieden van schaduw, het verbeteren van de luchtkwaliteit en het versterken van de biodiversiteit.
De boomstructuur vormt de basis voor het bomenbeleid en fungeert als afwegingskader voor het uitvoeren van beheer en onderhoud. De Groene Kaart is rechtstreeks afgeleid van deze boomstructuur.

Historie

In het huidige landschap zijn diverse historische structuren herkenbaar die nog steeds duidelijk zichtbaar zijn. Voorbeelden hiervan zijn de lintbebouwing, verschillende weteringen – zoals de Giessendamse Tiendweg met de bijbehorende molen – diverse ontsluitingswegen en het tracé van de oude Giessen en het kanaal. Latere ontwikkelingen, zoals de aanleg van de spoorlijn, de A15 en de verdichtingsopgave, hebben een duidelijke invloed gehad op de huidige ruimtelijke inrichting van de dorpen. Vanaf de tweede helft van de vorige eeuw zijn de kernen sterk gegroeid. Met name het gebied ten westen en oosten van Giessendam is aanzienlijk in omvang toegenomen.

Op basis van de historische ontwikkeling en de boomstructuren die nog steeds zichtbaar zijn, is de boomstructuurkaart opgesteld. Deze bestaat uit drie hoofdonderdelen:

  1. Cultuurhistorische waarden;
  2. Architectonische en ruimtelijk waardevolle structuren;
  3. Grote groene massa’s.

Terugblik vorige periode

Evaluatie bomenbeleid

Het bomenbeleidsplan 2012–2021 heeft aantoonbare resultaten opgeleverd. Door de systematische inventarisatie en registratie konden waardevolle bomen en boomstructuren effectief worden beschermd. In gebieden die zijn opgenomen op de Groene Kaart is de kroonbedekking sterker toegenomen dan in gebieden buiten de Groene Kaart.

De verordeningen en richtlijnen hebben geleid tot een gereguleerde en transparante aanpak van bomenkap en -bescherming. De aanplant- en herplantprogramma’s hebben bijgedragen aan de vergroening van de gemeente en aan de verbetering van de leefomgeving. Door regelmatig onderhoud en beheer zijn zowel de gezondheid als de veiligheid van het bomenbestand geborgd. Hoewel het vorige beleidsplan in veel opzichten succesvol was, zijn ook leerpunten benoemd. Deze vormen de basis voor de actualisatie en verdere verbetering van het nieuwe bomenbeleidsplan. De evaluatie vormt daarmee een belangrijk fundament voor zowel de voortzetting van bestaande maatregelen als de introductie van nieuwe beleidsrichtlijnen.

Ten aanzien van het bomenbeleid zijn de volgende verbeterpunten en aandachtspunten naar voren gekomen:

Borging van het belang van bomen

Er is behoefte aan een expliciete afweging van de functies en waarden van bomen. Op basis hiervan kunnen duidelijke prioriteiten worden gesteld voor zowel de ontwikkeling als het behoud van het bomenbestand.

Integratie in het ruimtelijk beleid

Het huidige bomenbeleid is nog onvoldoende verankerd in het integrale ruimtelijke beleid. Een betere integratie is noodzakelijk om bomen in een vroeg stadium mee te nemen in planvorming en besluitvorming.

Aansluiting bij ander beleid

Het nieuwe bomenbeleid dient nadrukkelijk aan te sluiten bij andere beleidsvelden, zoals gezondheid, klimaatadaptatie en het sociaal domein, om de maatschappelijke meerwaarde van bomen te versterken.

Rol van de gemeente

Er is behoefte aan duidelijkheid over de rol van de gemeente bij de ontwikkeling van nieuwe bouwlocaties en bij het behoud en de bescherming van bestaande bomen.

Bomennorm

Er bestaat behoefte aan meer sturing en controle op het aantal bomen dat bij nieuwe ontwikkelingen wordt aangeplant, bijvoorbeeld door het hanteren en handhaven van een duidelijke bomennorm.

Compensatie bij kap

Er leven vragen over de wijze waarop compensatie bij bomenkap moet worden vormgegeven, waaronder de omvang en kwaliteit van de compensatie en de mogelijkheid van compensatie buiten de groene zone.

Participatie

Participatie is in hoofdlijnen geborgd in het groenbeleids- en participatieplan. Aanvullend is behoefte aan meer duidelijkheid over de uitvoering van participatie bij concrete projecten, specifiek waar het bomen betreft.

Veiligheid

Het veilig houden van het bomenbestand vraagt om regelmatige inspectie en onderhoud. Door de toename van het aantal grote bomen worden inspecties intensiever, waardoor de huidige budgetten onvoldoende zijn om alle noodzakelijke veiligheidsinspecties uit te voeren.

De volgende onderwerpen functioneren in de praktijk goed:

Werking van de kapverordening

De regels met betrekking tot de Groene Kaart zijn helder, goed uitvoerbaar en bieden duidelijke kaders voor bomenkap en -bescherming.

Aanleg en onderhoud

Het bomenbeleid bevat duidelijke richtlijnen voor groeiplaatsinrichting, soortkeuze en kwaliteitscontrole. Hierdoor doen zich in de praktijk nauwelijks knelpunten voor bij aanleg en onderhoud.

Omgaan met overlast

Overlast veroorzaakt door bomen, zoals blad- en vruchtenval, schaduwwerking, insecten, vogels en wortelopdruk, wordt op een zorgvuldige en effectieve wijze afgehandeld.

Zonnepanelen

De belangenafweging tussen het behoud van bomen en de plaatsing en werking van zonnepanelen verloopt evenwichtig en biedt voldoende houvast voor besluitvorming.

Investeringen en communicatie Het huidige beleidsplan biedt goede aanknopingspunten voor gerichte investeringen in het behoud van het bomenbestand en voor duidelijke communicatie met inwoners.

Verbeterpunten

Uit de evaluatie zijn verschillende onderwerpen naar voren gekomen waarop het bomenbeleid kan worden verbeterd. De onderwerpen die strategisch van belang zijn voor de gemeenteraad zijn besproken tijdens een raadsdiscussie op 10 april 2025. Het doel van deze bespreking was om de opvattingen en aandachtspunten van de gemeenteraad ten aanzien van deze onderwerpen in beeld te brengen.

De bespreking is gestart met een peiling van de mening van de raad over de betekenis en waarde van bomen voor de gemeente (zie paragraaf 1.3). Vervolgens is over vijf specifieke onderwerpen de mening van de raad gevraagd en hierover nader van gedachten gewisseld.

Behoud van bomen in ruimtelijke projecten en sturingsmogelijkheden

Uit de peiling blijkt dat de gemeenteraad het zeer belangrijk vindt om meer grip te krijgen op het behoud van bomen binnen ruimtelijke projecten, met name in gebieden buiten de Groene Kaart. De raad ziet hierin een duidelijke verbeteropgave voor het bomenbeleid.

Tijdens de discussie zijn de volgende aandachtspunten naar voren gekomen:

Huidig beleid

Binnen het huidige beleid is het in bepaalde situaties mogelijk om bomen te kappen zonder vergunning. Dit wordt door de raad als een ongewenste beperking van de sturingsmogelijkheden ervaren.

Rol van de gemeente

bij ontwikkelprojecten Bij projecten van ontwikkelaars buiten de Groene Kaart is de gemeente vaak beperkt betrokken bij het bomenbeleid. Hierdoor ontbreekt vroegtijdige invloed op keuzes rondom behoud, inpassing en compensatie van bomen.

Balans tussen bescherming en voortgang

Het behoud van bomen wordt als essentieel gezien, maar de beleidsvorming mag niet leiden tot het stilleggen of onnodig vertragen van ruimtelijke ontwikkelingen. Een werkbare balans tussen bescherming en ontwikkelruimte is noodzakelijk.

Vroegtijdige inpassing van bomen

Bij grotere ruimtelijke projecten is het van belang dat de ruimte voor bestaande en nieuwe bomen al in een vroeg stadium van de planvorming wordt meegenomen, zodat behoud en inpassing realistisch en uitvoerbaar zijn.

Bomennorm en beoordeling van de huidige norm

Uit de peiling blijkt dat de gemeenteraad de bomennorm ziet als een positief en effectief instrument om de gemeentelijke ambities op het gebied van groen en leefkwaliteit te realiseren. Tegelijkertijd bestaat de behoefte om te bezien of de huidige bomennorm nog voldoende aansluit bij deze ambities.

Tijdens de discussie zijn de volgende aandachtspunten benoemd:

Normering op basis van bomenbedekking

De raad overweegt om de bomennorm niet uitsluitend te baseren op aantallen bomen, maar (ook) te kijken naar bomenbedekking in percentages. Dit kan beter aansluiten bij de ruimtelijke en ecologische waarde van bomen.

Behoud en versterking van bestaande bomen

Het behoud van bestaande bomen en het versterken van de huidige bomenstructuur worden als essentieel gezien. Dit vraagt om een nadrukkelijke plek binnen de bomennorm en bijbehorende beleidsinstrumenten.

Evenwichtige verdeling over wijken

De raad ziet verbeterkansen in het creëren van meer balans in de verdeling van bomen tussen verschillende wijken, zodat alle inwoners profiteren van de voordelen van een groene leefomgeving.

Contouren van de Groene Kaart en overwegingen voor aanpassingen

Uit de peiling blijkt dat de gemeenteraad op hoofdlijnen geen noodzaak ziet om de huidige contouren van de Groene Kaart aan te passen. Tegelijkertijd zijn in de discussie diverse aandachtspunten naar voren gekomen die relevant zijn voor een eventuele heroverweging op de langere termijn.
De belangrijkste punten uit de discussie zijn:

Recente aanpassing van de Groene Kaart

De Groene Kaart is enkele jaren geleden verkleind. Deze relatief recente wijziging vormt voor de raad een belangrijk referentiepunt bij de beoordeling van eventuele verdere aanpassingen.

Toename van bomen binnen de Groene Kaart

Binnen de Groene Kaart is sprake van een sterke toename van het aantal bomen, met name als gevolg van gemeentelijk beheer. Dit wordt gezien als een positief effect van het huidige beleid.

Luchtkwaliteit als argument voor vergroening

De relatief slechte luchtkwaliteit binnen de gemeente wordt door de raad genoemd als een belangrijk argument voor verdere vergroening en, waar passend, een mogelijke uitbreiding van de Groene Kaart.

Omvang van de Groene Kaart

Ongeveer 90% van het gemeentelijk grondgebied valt momenteel binnen de Groene Kaart. Deze grote dekking roept vragen op over de doelmatigheid en focus van het instrument.

Waarde van bomen en borging in beleidsstukken

Uit de peiling en discussie blijkt dat de gemeenteraad het van belang vindt dat de waarde van bomen expliciet en herkenbaar wordt meegenomen in beleidsstukken. Hoewel deze discussie aanvankelijk is gestart met het oog op de Omgevingsvisie, is deze inmiddels vastgesteld. Daarmee is de samenhang tussen de Omgevingsvisie en het daarop voortbouwende bomenbeleid geen punt van discussie meer.

Tijdens de bespreking zijn de volgende aandachtspunten naar voren gekomen:

Expliciete waardering van bomen in beleid

De raad hecht waarde aan een duidelijke en expliciete benoeming van de ecologische, klimaatadaptieve en leefbaarheidswaarde van bomen in relevante beleidsdocumenten, met name in het uitvoerende bomenbeleid.

Samenhang tussen visie en uitvoering

Nu de Omgevingsvisie is vastgesteld, ligt de nadruk op het goed laten aansluiten van het bomenbeleid en de uitvoeringsinstrumenten bij de uitgangspunten en ambities uit deze visie.

Bomenfonds

Er is aandacht besteed aan het bomenfonds. Hoewel de verordening de mogelijkheid biedt om middelen te reserveren voor een dergelijk fonds, is het fonds op dit moment nog niet ingericht of beschikbaar. De raad ziet hierin een aandachtspunt voor verdere uitwerking, onder meer in relatie tot compensatie, beheer en
versterking van het bomenbestand.

Regels voor compensatie van gekapte bomen

Uit de peiling blijkt dat de gemeenteraad in principe voorstander is van ruime compensatie bij het kappen van bomen, waarbij wordt uitgegaan van één-op-één compensatie. Deze compensatie vindt plaats op aanwijzing, conform de huidige werkwijze. De raad acht het van belang dat hierbij voldoende maatwerk mogelijk blijft.

In de discussie zijn de volgende overwegingen naar voren gekomen:

Compensatie met ruimte voor maatwerk

Compensatie wordt gezien als een belangrijk instrument, maar niet als een automatisme. Het college kan compensatie verplichten, maar behoudt de ruimte om per situatie te beoordelen of compensatie noodzakelijk en passend is.

Relatie met de Groene Kaart

Bomen buiten de Groene Kaart hoeven in principe niet te worden gecompenseerd. Voor bomen binnen de Groene Kaart geldt dat compensatie wél aan de orde is, gezien de beschermde status van deze gebieden.

Fysieke compensatie en financiële bijdrage

Wanneer fysieke compensatie niet mogelijk is, kan worden gekozen voor een financiële bijdrage aan het bomenfonds. In de praktijk is hiervan de afgelopen jaren nauwelijks gebruikgemaakt, omdat vrijwel altijd een locatie voor fysieke compensatie kon worden gevonden.

Onderscheid tussen particuliere en gemeentelijke gronden

De raad acht het wenselijk om een duidelijk onderscheid te maken tussen compensatie op particuliere en gemeentelijke gronden. Voor particulieren zou verplichte compensatie niet standaard moeten gelden, tenzij sprake is van waardevolle bomen of grootschalige ontwikkelingen.

Vorm van compensatie

Compensatie hoeft niet uitsluitend te bestaan uit het herplanten van bomen. Ook ander nieuw groen, waaronder heesters, kan bijdragen aan compensatie, mits dit aansluit bij de doelstellingen voor groen, biodiversiteit en leefkwaliteit.

Wat willen we bereiken?

Doel nieuwe bomenbeleid

Bomen krijgen een volwaardige plek in onze buurten en wijken. Zij zijn van groot belang voor onze gezondheid, voor de natuur en voor de kwaliteit van de leefomgeving. Bomen dragen bij aan een aantrekkelijke gemeente en nodigen uit om buiten te verblijven en te bewegen.

In het vorige bomenbeleidsplan zijn diverse veranderingen in gang gezet om deze ambities te realiseren. Een groot deel van deze maatregelen functioneert goed. Uit de evaluatie blijkt dat met name het beleid rondom de Groene Kaart succesvol is gebleken, evenals het beleid voor aanleg, onderhoud, het omgaan met overlast en de communicatie. Het is dan ook het doel om voort te bouwen op wat goed gaat en deze onderdelen te continueren.

Tegelijkertijd zijn er enkele verbeterpunten geïdentificeerd waarop het bomenbeleid kan worden aangescherpt. Deze hebben met name betrekking op de bescherming van bomen binnen ruimtelijke projecten. De gemeente wil meer invloed krijgen op het behoud van bestaande bomen bij grotere ruimtelijke ontwikkelingen en op het realiseren van voldoende nieuwe bomen binnen projecten. Hiermee kan de gemeente een actievere en sturende rol vervullen in het behoud en de versterking van het bomenbestand. Daarnaast is het wenselijk om bomenstructuren beter zichtbaar te maken en steviger te verankeren binnen een integraal georiënteerd ruimtelijk beleid.

De gemeente staat de komende jaren voor grote ruimtelijke veranderingen. Verdere verdichting en uitbreiding van de woningbouw vergroten het belang van bomen en groen voor de leefbaarheid, klimaatadaptatie en biodiversiteit. Juist in deze context is een actueel, duidelijk en effectief bomenbeleid essentieel.

Uitgangspunten

Voor het op te stellen aangescherpte bomenbeleid hanteren wij de volgende uitgangspunten:

  • Bomen zijn essentieel voor de kwaliteit van wonen en werken Bomen leveren een onmisbare bijdrage aan een gezonde, aantrekkelijke en leefbare gemeente.
  • Eenvoudige en goed communiceerbare regels Regels moeten helder, uitvoerbaar en goed uitlegbaar zijn. Dit geldt zowel voor eventuele regels voor boomcompensatie als voor het vergroten van de invloed van de gemeente op het realiseren van nieuwe boomlocaties.
  • Aansluiting bij het Groenbeleidsplan 2022–2032 Regels over bomen die al zijn vastgelegd in het Groenbeleidsplan 2022–2032 worden niet herhaald in dit bomenbeleidsplan. Uitsluitend de daarin opgenomen bomennorm wordt in dit kader opnieuw beschouwd.
  • Behoud gaat vóór aanplant Het behoud van bestaande bomen heeft prioriteit boven het planten van nieuwe bomen. Volgroeide bomen vertegenwoordigen een groot volume en biomasssa die bij kap verloren gaat. Dit uitgangspunt leidt tot een sterkere bescherming van waardevolle bomen en historische of samenhangende boomstructuren.
  • Voldoende groeiruimte voor bomen Behoud van bomen betekent ook het waarborgen van voldoende ruimte om te groeien, zowel bovengronds als ondergronds. Dit is een randvoorwaarde voor duurzame instandhouding van het bomenbestand.
  • Inzet op biodiversiteit met inheemse boomsoorten Voor het bevorderen van biodiversiteit zetten wij primair in op de aanplant van inheemse boomsoorten die goed gedijen in onze gemeente. Inheemse bomen hebben een rijkere wisselwerking met de natuurlijke omgeving dan uitheemse soorten. Op, met en van inheemse bomen leven aanzienlijk meer soorten planten en dieren; de verschillen kunnen oplopen tot honderden soorten.

Groene verbindingen en ecologische samenhang

Naast het behoud van individuele bomen zet de gemeente in op het behoud en de ontwikkeling van groene verbindingen voor flora en fauna. Deze groene corridors zorgen voor ecologische samenhang en maken het mogelijk dat planten en dieren zich kunnen verplaatsen, leefgebieden kunnen vergroten en populaties kunnen versterken.

Strategie: Hoe gaan we de visie realiseren?

Voortzetten, herijken en aanscherpen

Uit de visie volgt dat het huidige bomenbeleid op hoofdlijnen wordt voortgezet. Dit betekent dat uitsluitend de Groene Kaart en het bijbehorende register van beschermde houtopstanden, zoals bedoeld in de Algemene Plaatselijke Verordening (APV), worden herijkt. De artikelen in de APV die betrekking hebben op het behoud van houtopstanden blijven ongewijzigd.

Daarnaast worden voorstellen gedaan om de gemeente meer grip te geven op het behoud van bestaande bomen binnen ruimtelijke ontwikkelingen. Hierdoor wordt het minder eenvoudig om bomen voorafgaand aan een ontwikkeling te kappen. De gemeente krijgt in een vroeg stadium, tijdens de initiatieffase van projecten, de mogelijkheid om in overleg te treden over de omgang met bestaande bomen en over eventuele compensatie.

Tot slot wordt ingezet op het vergroten van de zichtbaarheid van het bomenbeleid. Dit betreft enerzijds de doorwerking van het bomenbeleid in ander beleid en anderzijds de bekendheid en toepassing van het bomenbeleid bij de voorbereiding en uitvoering van projecten.

Voortzetten huidig beleid

Op de volgende punten zetten we het huidige beleid voort:

Bijdrage regeling particuliere waardevolle bomen

Het college van burgemeester en wethouders heeft een bijdrage beschikbaar gesteld voor het onderhoud van waardevolle bomen in particulier bezit. Deze monumentale en waardevolle bomen zijn opgenomen in een register.
Door de regeling kunnen particulieren een bijdrage aanvragen voor het onderhoud van hun monumentale en waardevolle boom. Aan de regeling is een maximumbedrag gekoppeld. De regeling is te vinden op de gemeentelijke website.

Hiertoe is in de APV een bijdrageregeling opgenomen. Hoe deze bijdrage wordt vormgegeven kan jaarlijks worden bepaald.

Boomveiligheid

De gemeente voldoet aan de wettelijke eisen op het gebied van boomveiligheid door het uitvoeren van visuele boominspecties van gemeentelijke bomen. Grotere bomen worden eens per drie jaar gecontroleerd op veiligheid. Indien daar aanleiding toe is, vindt deze controle jaarlijks plaats.
Uit de inspecties volgen aanbevelingen om risico’s te beperken. Op basis van deze aanbevelingen worden maatregelen genomen om deze risico’s weg te nemen.

Omgang met hinder door bomen

Bomen dragen bij aan seizoensbeleving, bieden schaduw, leveren vruchten en vormen een leefgebied voor dieren. Deze aspecten worden door veel mensen als positief ervaren. Wat voor de één als hinder wordt gezien, kan voor een ander juist een voordeel zijn. Schaduw zorgt voor verkoeling, blad- en vruchtval voeden de bodem en honing- of roetdauw zijn natuurlijke verschijnselen. Hoewel stuifmeel allergische reacties kan veroorzaken, is de bloeiperiode van bomen beperkt tot enkele weken.

Ondanks zorgvuldige afspraken bij de aanleg kunnen er in de praktijk toch ongemakken ontstaan. Het beheer is erop gericht bomen gezond te houden en waar mogelijk hinder te beperken. Zolang de veiligheid niet in het geding is, vormen dergelijke ongemakken geen reden om bomen te verwijderen.
De afweging tussen het behoud van bomen en de plaatsing van zonnepanelen is vastgelegd in het Groenbeleidsplan 2022–2032.

Technische vereisten behoud en aanplant

In het huidige bomenbeleidsplan zijn technische vereisten opgenomen voor werkzaamheden rondom bestaande bomen, het verplanten van bomen en de aanplant van nieuwe bomen. Deze vereisten komen te vervallen. In plaats daarvan hanteren wij de eisen uit het Handboek Bomen, nieuwste uitgave, dat elke vier jaar verschijnt (2022, 2026, enzovoort) en wordt uitgegeven door het Norminstituut Bomen. Dit handboek is uitgebreider dan de eisenlijst uit het vorige beleidsplan.

Net als in het vorige bomenbeleidsplan wordt bij nieuwe aanplant uitgegaan van een plantplaats met een omlooptijd van 60 jaar voor regulier groeiende bomen (esdoorn, es, beuk, eik en linde) en 35 jaar voor snelgroeiende bomen (els, populier en wilg). Dit betekent dat regulier groeiende bomen bij aanplant moeten beschikken over voldoende onder- en bovengrondse groeiruimte om minimaal zestig jaar oud te kunnen worden.

Herijken APV

Herijking contouren groene kaart De gemeente blijft werken met de Groene Kaart. Deze wordt herzien op basis van de nieuwe Bomenstructuurkaart (zie bijlage 1). Dit betekent dat nieuwe woningbouwlocaties, zoals Lijnbaan, Boterwerf en Blauwe Zoom, worden opgenomen in de Groene Kaart.
Aanpassen grens bebouwingscontour houtkap

Wij hanteren een bebouwingscontour houtkap die grotendeels de huidige bebouwde kom omsluit. Binnen deze contour geldt dat bomen onder de regels van de kapverordening vallen. De bepalingen voor het behoud van houtopstanden uit de Omgevingswet zijn hier niet van toepassing.

Buiten de bebouwingscontour houtkap gelden de regels van de Omgevingswet. Deze wet beschermt bomen tegen kap door het verplicht stellen van een kapmelding. De regels zijn opgesteld met het oog op de bescherming van bos- en natuurwaarden en landschappelijke waarden. De gemeente kan ook buiten de bebouwingscontour houtkap aanvullende bescherming bieden aan bomen, maar dan vanuit andere belangen, zoals cultuurhistorische en recreatieve waarden. In de loop der tijd is de bebouwde kom gegroeid en zal deze verder groeien. Het voorstel is om in ieder geval ’t Oog binnen de grenzen van de bebouwingscontour houtkap te laten vallen. Conform de Omgevingswet is het de gemeenteraad die de bebouwingscontour houtkap vaststelt.

Herzien lijst waardevolle bomen De lijst met waardevolle bomen omvat momenteel circa zestig bomen die extra bescherming genieten. In de loop der tijd zijn enkele bomen gekapt, terwijl de lijst niet is aangevuld met nieuwe waardevolle bomen. In het vorige bomenbeleidsplan is de ambitie uitgesproken om te komen tot een lijst van ongeveer honderd van de meest waardevolle bomen. Het voornemen is deze lijst te actualiseren. In bijlage 3 zijn de criteria opgenomen waaraan een boom moet voldoen om als waardevol te worden aangemerkt.

Meer grip bij projecten

Toevoegen projecten groene kaart

Een groot gebied valt momenteel buiten de Groene Kaart, waardoor bij ruimtelijke ontwikkelingen bomen vaak al in een vroeg stadium worden gekapt. Wij willen bereiken dat bij nieuwe ontwikkelingen een zorgvuldige afweging plaatsvindt over het behoud van bestaande bomen. Dit kan worden geborgd door ontwikkelaars te verplichten een vergunning aan te vragen voordat bomen worden gekapt.

Om dit te realiseren, worden bomen op potentiële ontwikkellocaties toegevoegd aan de Groene Kaart. Daartoe wordt een analyse uitgevoerd van mogelijke ruimtelijke ontwikkelingen, waarna deze locaties op de Groene Kaart worden opgenomen. Op grond van de plaatselijke verordening kan het college de Groene Kaart eenmaal per vier jaar herzien; het instellen van nieuwe regelgeving is hiervoor niet nodig. Eigenaren van percelen die onder de Groene Kaart komen te vallen, worden hierover geïnformeerd.

Bescherming bomen in het landelijk gebied

Op de nieuwe Bomenstructuurkaart (zie bijlage 1) is landschappelijk groen opgenomen. Dit betreft voornamelijk groepen bomen en knotwilgen in het landelijk gebied op particulier terrein. Er bestaat de indruk dat de omvang van dit landschappelijk groen afneemt. Dit roept de vraag op of landschappelijk groen onder de bescherming van de Groene Kaart zou moeten worden gebracht.

Tegelijkertijd bestaat het risico dat het instellen van een vergunningsplicht nieuwe aanplant kan ontmoedigen. Voor het behoud en de versterking van het landschap werken wij daarom samen met de buurgemeenten in de Alblasserwaard in een breder regionaal verband. In de komende periode volgen wij de ontwikkeling van de hoeveelheid bomen in het landelijk gebied. Indien deze ontwikkeling negatief blijkt, kan worden overwogen om de bescherming van bomen in het landelijk gebied te versterken.

Stellen norm bomen

De huidige bomennorm voor nieuwe ontwikkelingen, die uitgaat van één boom per woning, leidt bij hoge bebouwingsdichtheden tot knelpunten en doet geen recht aan de kwaliteit van bomen en de aanwezigheid van bestaand groen in de omgeving. Deze norm wordt daarom vervangen.

De nieuwe bomennorm luidt als volgt: vanuit elke woning moet uitzicht bestaan op minimaal drie bomen en binnen een herinrichtings- of aanlegproject dient minimaal 30% van het oppervlak te worden bedekt door boomkronen. Deze norm sluit aan bij de 3-30-300-vuistregel, zoals opgenomen in de concept Omgevingsvisie (zie paragraaf 2.1.4).
De kroonbedekking wordt bepaald op basis van de verwachte kroonomvang na dertig jaar. Alleen bomen die zijn opgenomen op de Groene Kaart tellen mee, aangezien deze bomen planologische bescherming genieten. Bomen die net buiten het plangebied staan, maar waarvan de kroon na dertig jaar (deels) over het plangebied reikt, mogen worden meegeteld.

Onze gemeente is waterrijk. Dit betekent dat een aanzienlijk deel van de buitenruimte bestaat uit water, waar geen bomen kunnen groeien. De norm van 30% kroonbedekking is daarom uitsluitend van toepassing op de betreedbare openbare ruimte. Delen van boomkronen die over het water hangen, mogen wel worden meegeteld bij het bepalen van de kroonbedekking. Delen van boomkronen die over particuliere gronden reiken, worden daarbij niet meegerekend.

In de praktijk worden steeds vaker zuilvormige bomen toegepast, omdat deze minder overlast veroorzaken. In bovenaanzicht hebben deze bomen een relatief kleine kroonprojectie, terwijl de schaduwwerking aanzienlijk kan zijn. Om hier recht aan te doen, wordt bij zuilvormige bomen uitgegaan van een kroonprojectie die 1,5 keer zo groot is als de feitelijke kroonprojectie. De gemeente stelt hiertoe een lijst vast met boomsoorten en de bijbehorende kroonprojecties na dertig jaar, om eenduidigheid te waarborgen en discussie over de berekening te voorkomen.

De nieuwe bomennorm is getoetst aan de hand van twee recente woningbouwprojecten. Uit deze toets blijkt dat de nieuwe norm leidt tot een aanzienlijk hogere groenkwaliteit. De uitwerking en resultaten van deze toets zijn opgenomen in bijlage 4.

Compensatie gekapte bomen

Door regels vast te stellen voor compensatie bij het kappen van bomen wordt de vrijblijvendheid van compensatie verminderd. Hoewel het college bevoegd blijft om per geval te besluiten of compensatie wordt opgelegd, is voor de aanvrager van een vergunning duidelijk dat in beginsel compensatie zal worden verlangd.
De voorgestelde compensatieregeling heeft tot doel een evenwicht te creëren tussen de gekapte en de te compenseren bomen. Daarbij wordt onderscheid gemaakt naar boomgrootte, als volgt:

  • 1e grootte: bomen hoger dan 15 meter;
  • 2e grootte: bomen met een hoogte tussen 8 en 15 meter;
  • 3e grootte: bomen kleiner dan 8 meter.

De minimale compensatie ziet er dan als volgt uit:

Kap  Compensatie
1e grootte 1 x 1e grootte of 2 x 2e grootte of 3 x 3e grootte
2e grootte 1 x 2e grootte of 2 x 3e grootte
3e grootte  1 x 3e grootte

De ter compensatie te planten boom heeft bij aanplant een minimale stamomtrek van 16 tot 18 centimeter en wordt bij voorkeur geplant op de locatie van de gekapte boom of in de directe omgeving daarvan.

Versterken bomenstructuur

In het kader van dit beleidsplan is de bestaande boomstructuur in kaart gebracht. Van de verschillende structuurdelen zijn de kenmerken beschreven, met als doel een onderbouwde basis te bieden voor het opnemen van groenstructuren op de Groene Kaart. Deze beschrijving vormt tevens het vertrekpunt voor het verkennen van mogelijkheden om de huidige boomstructuur te versterken.

Door zowel de bestaande structuurdelen als ontbrekende structuren inzichtelijk te maken, ontstaan concrete aanknopingspunten voor verbetering. Dit ondersteunt de aanpak van opgaven zoals klimaatadaptatie en het bevorderen van biodiversiteit, en biedt richting bij de herinrichting van de buitenruimte en de verdichtingsopgave zoals opgenomen in de omgevingsvisie.

Zichtbaarheid bomenbeleid

Integratie bomenbeleid Het huidige bomenbeleid wordt nog onvoldoende meegenomen bij het maken van ruimtelijke afwegingen. Het belang van bomen verdient een prominentere en structurele plaats binnen de ruimtelijke besluitvorming. Dit vraagt met name om een duidelijke doorvertaling van het bomenbeleidsplan naar andere beleidsdocumenten, zoals de Omgevingsvisie, het Omgevingsplan, en diverse leidraden, evenals inrichtings- en beheerplannen:

  • Het vastleggen van belangrijke boomrijke gebieden en beeldbepalende lijnvormige boomstructuren als onderdeel van de ruimtelijke hoofdstructuur;
  • Het bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen reserveren van voldoende ruimte om invulling te kunnen geven aan de 3-30-300-vuistregel;
  • Het juridisch borgen en beschermen van groeiplaatsen voor bomen binnen het Omgevingsplan.

Communicatie en participatie

Het belang van bomen verdient een vaste en zichtbare plaats in de communicatie van de gemeente richting inwoners. Dit kan onder meer via de gemeentelijke website en andere communicatiekanalen, bijvoorbeeld bij informatie over Boomplantdag, het aanleggen van herdenkingsbossen en adoptieacties waarbij bomen worden uitgedeeld.
De participatie bij het vervangen van bomen in de woonomgeving verloopt over het algemeen goed en de uitgangspunten hiervoor zijn vastgelegd in het participatieplan. Wel is er behoefte aan een sterkere inzet van het bomenbeleid binnen deze trajecten, zodat de randvoorwaarden waarbinnen keuzes over het behoud of de aanplant van bomen worden gemaakt, voor alle betrokkenen helder en transparant zijn. Ten behoeve hiervan worden deze randvoorwaarden expliciet en eenduidig geformuleerd.

Uitvoeringsplan

Te nemen acties

Aan de hand van de strategie in het vorige hoofdstuk zijn de volgende acties voor de komende periode te ontlenen:

Herijken APV

 

Actualiseren Groene Kaart

De Groene Kaart actualiseren we op vier punten:

  1. Herijken van de grenzen van de Groene Kaart aan de hand van de nieuwe bomenstructuurkaart;
  2. Toevoegen van bomen op potentiële ontwikkellocaties (zie Nieuwbouwprojecten).
  3. Herzien van de lijst van waardevolle bomen die bij de Groene Kaart hoort.
  4. Alleen beschermen van bomen buiten de bebouwingscontour houtkap met oogmerk cultuurhistorische en recreatieve waarde.

Bebouwingscontouren houtkap

Instellen van nieuwe bebouwingscontouren voor houtkap. Volgens de Omgevingswet heeft de gemeenteraad het recht om bebouwingscontouren vast te stellen die de regels omtrent houtkap beperken. Dit geeft de gemeente ruimte om zelf regels op te stellen. Het voorstel is om in ieder geval het gebied 't Oog binnen deze contouren te laten vallen.

Meer grip bij projecten

Voorkeurslijst bomen met kroonomvang en boomgrootte

Als handreiking bij ontwikkelingen stelt de gemeente een voorkeurslijst op van te gebruiken bomen in stedelijk gebied en een lijst van bomen te gebruiken in landelijk gebied en parken. Dit zijn bomen waarvan uit de praktijk is gebleken dat ze weerbaar zijn, goed groeien en passen in de desbetreffende omgeving.

We stellen vast wat de omvang van de boomkroon en de boomgrootte moet zijn, wanneer deze volgroeit is. Dit voorkomt discussie bij het toepassen van de bomennorm en compensatie van de te kappen bomen.

Onderzoek mogelijkheden behoud bomen landelijk gebied

Bepaalde landschappelijke groene gebieden, zoals groepjes bomen en knotwilgen in landelijke gebieden op privéterrein, zouden mogelijk opgenomen moeten worden in de Groene Kaart voor bescherming of wellicht via andere instrumenten behouden kunnen worden. De gemeente moet een standpunt innemen over haar rol bij het behoud van deze bomen.

Kansenkaart bomenstructuur

Een schets van een toekomstige bomenstructuur helpt bij keuzes die moeten worden gemaakt bij herinrichting en vernieuwing van de buitenruimte en verdichting en uitbreiding van de kernen. We gaan een tekening van de toekomstige bomenstructuur opstellen waarin richting wordt gegeven aan het versterken van deze structuur.

Zichtbaarheid beleid

Communicatie Groene Kaart

Eigenaren van percelen die onder de Groene Kaart komen te vallen, worden op de hoogte worden gebracht. Dit geldt ook voor eigenaren van waardevolle bomen.

Promotie bomen

Bomen moeten duidelijker plaats krijgen in de communicatie van de gemeente richting bewoners en bedrijven. Regelmatig gaan we berichten delen via verschillende media zoals de gemeentepagina, Het Kompas en op sociale media over gebeurtenissen aangaande bomen. Daarnaast houden we acties als de boomplantdag en het uitdelen van adoptie bomen.

Participatie

Opstellen van richtlijnen vanuit beleid die kunnen worden gebruikt bij participatie van projecten. Het gaat hierbij om voorkeuren voor te planten boomsoorten en de verbetering van de bomenstructuur.

Overig

Evaluatie bomenbeleid

Na een periode van ongeveer vier jaar wordt het beleid geëvalueerd. Nagegaan wordt welke doelen zijn bereikt en op welke onderdelen verbeteringen kunnen worden bereikt.

Verhogen budgetten veiligheidscontroles bomen

De kosten voor boomveiligheidscontroles en de nadere onderzoeken zijn gestegen en er structureel meer middelen nodig zijn. Dit komt onder andere door kostenstijgingen maar ook door ouder wordend bomenbestand. We werken met een driejaarlijkse cyclus. Voor 2026 staat een de totale BVC op het programma.

Monitoring resultaten beleid

Berekenen van de potentiële kroonbedekking (alle gemeentelijke bomen zijn dertig jaar of ouder) als toetsingskader voor inbreidingslocaties. Dit elke vijf jaar herhalen om het effect van de boomnorm te toetsen.
Het bomenbeleid gaan we over vijf jaar evalueren. Hieruit kunnen aanbevelingen voortkomen.

Financiën

Het uitvoeren van het bomenbeleid heeft financiële gevolgen. Een goed bomenbeleid valt of staat met de beschikbaarheid van voldoende financiële middelen. Om het bomenbeleidsplan te implementeren en uit te voeren moet de gemeente rekening houden met kosten. In de tabel zijn de kosten voor het implementeren van het nieuwe bomenbeleid weergegeven. Deze komen uit op € 31.000,- tot € 51.000,- afhankelijk hoe uitgebreid en gedetailleerd de kansenkaart boomstructuur moet worden.

Maatregel Kosten Uitvoering
Actualiseren Groene Kaart: herijken contouren Interne kosten 2026
Actualiseren Groene Kaart: toevoegen ontwikkellocaties Interne kosten 2026
Actualiseren Groene Kaart: herzien lijst waardevolle bomen en toevoegen projecten    2027
Herzien oogmerken beschermen bomen buiten bebouwingscontour houtkap Interne kosten 2026
Herzien bebouwingscontouren houtkap Interne kosten 2026
Voorkeurslijst bomen met kroonomvang en boomgrootte Interne kosten 2026   
Onderzoek mogelijkheden behoud bomen landelijk gebied Interne kosten 2026 
Kansenkaart boomstructuur Interne kosten 2026 
Communicatie Groene Kaart, Waardevolle bomen Interne kosten 2027
Promotie bomen € 1.000,- 2026
Participatie, richtlijnen bomen in projecten Interne kosten Jaarlijs vanaf 2027
Evaluatie bomenbeleid Interne kosten 2026
Extra budget boomveiligheidscontrole (BVC) elke 3 jaar € 7.500,- 2027, 2029, 2032, 2035
Extra budget nadere onderzoeken bomen naar aanleiding van BVC € 2.500,- jaarlijks

 

Criteria waardevolle bomen

De gemeente Hardinxveld-Giessendam voert een lijst met waardevolle bomen die extra bescherming genieten in het beleid. Los van deze criteria kan het college besluiten welke bomen wel of niet op de lijst waardevolle bomen komen.

Een waardevolle boom moet aan een aantal randvoorwaarden voldoen:

  1. De boom moet een conditie hebben die matig, redelijk of goed is. De conditie mag niet slecht of zeer slecht zijn. Voor het bepalen van de conditie zijn richtlijnen opgenomen in het Stadsbomenvademecum, uitgave 2020, deel 3A Boomcontrole en onderzoek.
  2. De boom moet veilig zijn of door middel van één onderhoudsbeurt in een veilige toestand zijn te brengen. De veiligheid wordt visueel bepaald zoals gebruikelijk is bij een BVC-opname (de BoomVeiligheidsControle is een visuele boombeoordeling). Bomen met een verhoogde zorgplicht, de zogenoemde attentiebomen die mogelijk onveilig kunnen worden, kunnen wel een beschermde status krijgen.
  3. De boom moet een goede onderhoudstoestand hebben: de boom mag niet gekandelaberd zijn en mag geen verwaarloosd boombeeld hebben (zie definities RAW Systematiek Standaard 2020).

Daarnaast moet de boom één of meer waarden vertegenwoordigen. Des te meer waarden aan een boom worden toegekend, des te waardevoller is de boom:

  1. Monumentale waarde: de boom heeft een stamdiameter van minimaal 0,8 meter, gemeten op 1,3 meter boven maaiveld, en is geen wilg of populier. De boom komt voor in het Landelijk Register van Monumentale Bomen.
  2. Cultuurhistorische waarde: de boom is een gedenkboom voor een cultuurhistorische gebeurtenis of persoon op gemeentelijk, regionaal of landelijk niveau. De boom behoort tot een beplanting of beplantingsstructuur van minimaal 70 jaar oud; de boom zelf kan jonger zijn dan 70 jaar. De boom heeft een stamdiameter van minimaal 0,40 meter en staat niet in bosverband. Het betreft lanen en solitaire bomen van buitenplaatsen, boerenerven en langs oude wegen.
  3. Natuurwaarde: de boom is een broedplaats voor roofvogels, ooievaars, uilen of spechten, of een verblijfplaats voor vleermuizen. In de boom groeit maretak.
  4. Dendrologische waarde: de boomsoort of cultivar is zeldzaam in Hardinxveld-Giessendam; de soort of cultivar komt minder dan drie keer voor. De stamdiameter is minimaal 0,40 meter.
  5. Waardevolle groeivorm: de boom heeft een bijzondere groeivorm die uniek is in Hardinxveld-Giessendam (komt vijf keer of minder voor). Dit kan een dakvorm, meerstammige of andere groeivorm zijn. De boom heeft een stamdiameter van minimaal 0,40 meter.
  6. Maatschappelijke waarde: de boom wordt door een buurt, wijk of vereniging als waardevol beschouwd vanwege functie of gebruik (zoals schaduw of verzamelplaats) of lokale verhalen die aan de boom gekoppeld zijn. De boom heeft een stamdiameter van minimaal 0,40 meter.